WEETJES

  • Paard op de baan? Kalm aan! Het Vlaams Paardenloket lanceerde in juli deze campagne met meer informatie over paardrijden op de openbare weg. Meer weten? Klik dan op de affiche !
  • Als een ruiter het paard naast zich leidt op straat, wordt deze ruiter ook als een bestuurder aanzien.
  • Rijden zonder zadel is in principe toegestaan op de openbare weg. Zorg er wel voor dat dit niet inboet aan de veiligheid. Iedere ruiter die de openbare weg betreedt met een paard of pony, moet over voldoende fysieke kwaliteiten, kennis en vaardigheden beschikken om het dier onder controle te houden, dus ook zonder zadel !
  • Als een dier aan de hand wordt geleid door een persoon van minstens 14 jaar, heeft de leeftijd van de persoon die op het dier zit geen belang. De begeleider wordt dan als bestuurder beschouwd.
  • Als een koets (of ander vervoermiddel) door meer dan 6 dieren getrokken wordt, moeten de voor –en achterlichten apart bevestigd worden op de koets. Indien er minder dan 6 paarden ingespannen zijn, mogen de lichten door middel van éénzelfde toestel aan de koets bevestigd worden.
  • In een koets of huifkar mogen niet meer dan 4 dieren achter elkaar lopen en er mogen ook maximum 3 paarden naast elkaar ingespannen worden.
  • Als een lading van een kar of koets langer is dan 12 meter, moet deze begeleid worden door een persoon die te voet achter de lading stapt.
  • Het is mogelijk om een ruiterbrevet te halen als begeleider van een groep ruiters. Deze ‘TREK’-brevetten zijn nieuw en bestaan uit drie niveaus: begeleider, gids en meester- trekruiter. Meer info kan je terugvinden op de website: http://www.vlp.be/opleiding/Opleidingen-TREK
  • Een ruiter wordt aanzien als een bestuurder. Zwakke weggebruikers (voetgangers, fietsers, passagiers en personen met een beperking) hebben dus voorrang op bijvoorbeeld zebrapaden en moet je als ruiter voorrang verlenen.
  • 112 is het algemeen noodnummer in Europa. Ben je betrokken in een ongeval, dan kan je steeds om hulp bellen. Dit nummer is gratis.
  • Ruitertoerisme in Vlaanderen zit in de lift. Steeds meer provincies voorzien ruiterpaden die vaak de baan kruisen met maneges, paardenpensions, bed en breakfast mogelijkheden en andere paardenaangelegenheden. Meer informatie kan je opvragen bij de verschillende provincies.

TIPS VOOR ANDERE WEGGEBRUIKERS

Een eeuw geleden kwamen paarden veel meer voor op de weg in vergelijking met vandaag. Als weggebruiker is het dan ook soms even opkijken wanneer je een paard op de weg tegenkomt. Velen zijn het niet meer gewoon dat paarden een plaats innemen op de rijbaan, tussen de andere weggebruikers.

We overlopen even hoe je het beste kan reageren wanneer je als weggebruiker een paard op de openbare weg nadert.

Eerst en vooral is het belangrijk dat je als bestuurder van een motorvoertuig vertraagt en voldoende afstand houdt. Rij niet te dicht bij het paard, want mocht het paard uitwijken, dan is de kans groot dat het paard de auto raakt. Wanneer je een paard wenst in te halen, zorg dan ook voor voldoende afstand naast het paard. Rij rustig voorbij en geef niet onmiddellijk gas bij van zodra je het paard gepasseerd bent. Wacht even vooraleer je versnelt, zo wordt het paard niet opgeschrikt door het geluid van de motor.

Merk je dat het paard tekenen van angst vertoont, ben je als bestuurder verplicht om te stoppen. Laat het paard tot rust komen en geef voorrang aan de ruiter en zijn veiligheid. De ruiter zal zelf aangeven wanneer je als bestuurder kan voorbijgaan of zal zelf jouw voertuig kruisen, wanneer het paard gekalmeerd is. Is het paard voorbij, dan kan je opnieuw verder rijden wanneer het paard voldoende van jou verwijderd is.

Oorzaken van angst
Paarden zijn vluchtdieren. Dit wil zeggen dat een paard zal vluchten wanneer hij vindt dat de situatie voor hem niet veilig is. Bovendien is een paard ook een kuddedier, dus wanneer een paard in een groep ruiters angst vertoont, zullen de andere paarden vaak dit angstig gedrag overnemen.

Een paard kan angstig worden door verschillende oorzaken.

Plotse bewegingen zoals een hond die onvoorzien tevoorschijn komt, kunnen het paard laten schrikken. Ook bruuske bewegingen van andere weggebruikers of voertuigen kunnen angst bij paarden veroorzaken. Let dus op wanneer je als weggebruiker voorbij de paarden rijdt.

Onbekende situaties, zoals het oversteken van een brug, kunnen ook een oorzaak zijn van angst bij paarden. Ruiters kunnen het paard dan best de tijd te geven de situatie te bekijken en niets te forceren als ze merken dat het paard deze hindernis echt niet durft voorbij te gaan. Indien deze hindernis een terugkerende situatie is op de route, kan het helpen een ervaren paard mee te nemen tijdens de rit. Als het paard ziet dat het andere paard geen moeite heeft met deze hindernis, zal hij eerder geneigd zijn dit paard ook te volgen voorbij de hindernis.

Een luidruchtige motor, kinderen die roepen, blaffende honden, een vrachtwagen met een luidruchtige lading,… dit zijn allemaal voorbeelden van lawaai die angst bij paarden kunnen veroorzaken. Als bestuurder kan je bij jezelf even nagaan of het paard angst heeft door geluid dat jij produceert. Is dit het geval (bijvoorbeeld een luide motor), wees dan hoffelijk en zet je motor even uit. De ruiter zal je heel dankbaar zijn.

Loslopende dieren kunnen paarden ook van hun stuk brengen. Een loslopende hond kan door het paard aanzien worden als een bedreiging. Sommige paarden zullen vluchten als reactie, maar er zullen ook paarden zijn die in de aanval zullen gaan en met een beentrap uithalen naar het dier. Het best is om de hond bij jou te houden en/of aan de leiband te houden. Dit voorkomt onaangename situaties voor zowel jou als de ruiter.

Let ook op wanneer je, met de lichten aan, een dier nadert. Plotse felle lichten (zoals grootlichten), kunnen ook een oorzaak van angst zijn. Het paard is dan even verblind, kan niets zien en raakt in paniek.

Verder spreekt het voor zich dat ook kwaad opzet uit den boze is. Het opzettelijk dicht rijden, een paard de weg afsnijden met een voertuig, … dit zijn allemaal voorbeelden die getuigen van weinig respect voor de ruiter.
Net zoals de ruiter niet opzettelijk door een bloemenperk hoort te rijden, voorrang moet geven aan voetgangers, niet op het fietspad mag rijden en niet opzettelijk in de weg mag staan van voertuigen, wordt er van beide bestuurders verwacht de rijbaan met elkaar te delen op een hoffelijke manier.