Mei: Sporten & roken

Roken en sport gaan niet samen. Sporten heeft duidelijk een positief effect op de gezondheid, roken helemaal niet. De schadelijke gevolgen van roken en van passief roken op de gezondheid zijn door iedereen gekend. Roken heeft een negatief effect op de sportprestatie.
Tabaksrook bestaat uit meer dan 1000 schadelijke stoffen, waarvan teer, koolstofmonoxide en nicotine de voornaamste en meest schadelijke zijn.

• Teer zet zich af op de luchtwegen en de longen en verwekt er ontstekingen. Door de gedeeltelijke of volledige verstopping van de luchtwegen vermindert de zuurstofopnamecapaciteit van de longen en krijgen de organen (o.a. de spieren) minder zuurstof. Teer is tevens de kankerverwekkende stof in tabaksrook. Het veroorzaakt longkanker en kanker van tong, lip, strottenhoofd, slokdarm en blaas- en baarmoederhalskanker.
• Koolstofmonoxide neemt in het bloed gedeeltelijk de plaats in van zuurstof, waardoor de bevoorrading van zuurstof in gans het lichaam en in de spieren aanzienlijk daalt.
• Nicotine verhoogt het hartritme en doet de bloeddruk stijgen.
De nicotine is van invloed op lichaam en geest. De nicotine heeft in het begin een stimulerend effect, waardoor de vermoeidheid lijkt te verdwijnen. Even later ontstaat echter een dempende werking. U wordt minder gevoelig voor indrukken van buiten. Ook zorgt de nicotine ervoor dat het hart sneller gaat kloppen, de bloedvaten nauwer worden en de bloeddruk stijgt. Dit heeft een nadelige invloed op het prestatievermogen.

Veel mensen denken dat roken gevaarlijk is, als ze maar niet inhaleren. Niets is minder waar. Sommige stoffen zoals bijvoorbeeld nicotine, komen toch in het bloed via de mondbodem (dit geldt natuurlijk ook voor passieve rokers).
Nicotine bevordert de vernauwing van de bloedvaten. Door de verminderde bloeddoorstroming wordt nog eens minder zuurstof aangevoerd.
Nicotine veroorzaakt ook een verhoogde afbraak van vitamine C.
Door de verminderde zuurstoftoevoer ontstaan zintuiglijke stoornissen: een roker smaakt, ruikt, hoort en ziet minder scherp.
Koolstofmonoxide en nicotine hebben een sterk effect op het zenuwstelsel. Geheugen en concentratievermogen verzwakken en de reactiesnelheid daalt.
De belangrijkste negatieve effecten op de conditie en het prestatievermogen van de sporter zijn:
1. de sterke daling van de zuurstoftoevoer naar gans het lichaam, voornamelijk naar het hart en de spieren;
2. de overbelasting van het hart door de stijging van de hartfrequentie en de bloeddruk;
3. het negatieve effect op het zenuwstelsel: vertraging van de reactiesnelheid en verminderd gezichtsvermogen.

Een acute verandering die optreedt ten gevolge van roken is de aantasting van de trilharen in de luchtwegen. Deze trilharen moeten vreemde stoffen en verontreiniging van de longen tegenhouden. Daarnaast tast roken de slijmvliezen in de luchtwegen aan en veroorzaakt een vergrote slijmproductie. Deze aantasting van trilharen en slijmvliezen veroorzaakt een irritatie van de luchtwegen, die leidt tot de zogenoemde rokershoest. Er kan dan gemakkelijk een ontsteking van neus- en keelholte en van de luchtwegen ontstaan. Dit betekent een grotere kans om door ziekte niet te kunnen sporten.
In sportdisciplines waarbij het uithoudingsvermogen een belangrijke rol speelt, zoals lopen, fietsen, zwemmen, enz. is de beschikbare hoeveelheid zuurstof bepalend voor de prestatie. Om optimaal te presteren hebben deze sporters een maximale zuurstoftoevoer nodig. Aangezien door het roken de zuurstoftoevoer naar de spieren wordt belemmerd, zal het verschil tussen roken en niet-roken in deze sporten het meest voelbaar zijn.
Rokers denken soms verkeerdelijk dat ze de nadelige effecten van het roken kunnen doen verdwijnen door te sporten. De argumenten dat door te sporten de longen worden gezuiverd en de bloedvaten zich terug openen, zijn absoluut fout. Teer, koolstofmonoxide en nicotine zullen onverminderd schade aan het lichaam toebrengen.
Ook de passieve rokers ondervinden negatieve gevolgen van het roken. Tabaksrook bevat zeer veel koolstofmonoxide, maar ook teer en nicotine. Bij passief roken gaat men gedeeltelijk de nadelige effecten van koolstofmonoxide ondervinden, namelijk vermindering van de zuurstoftoevoer en aantasting van het zenuwstelsel.

BRANDGEVAAR
Nergens is er meer brandgevaar dan in de omgeving van stro en hooi. Een brandende of smeulende sigaret kan dramatische gevolgen veroorzaken. En toch zie je nog teveel ruiters in de stallen roken. Onbegrijpelijk.
Ook hebben heel wat ruiters de gewoonte om een sigaret op te steken terwijl ze op het paard zitten. Deze sportbeoefenaars moet nog eens uitgelegd worden dat paardrijden een sport is. Als we onze sport au sérieux nemen is dat een onmogelijke combinatie. Om daarnaast nog niet de spreken over de vele peuken die in de piste achtergelaten worden.
Uiteraard is iedereen vrij om te roken maar daar zijn de juiste momenten en plaatsen voor.

WIST JE DAT…

  • Als u ook maar iets aan sport doet, is dat een goede reden om niet te roken! Immers: Niet-rokers hebben tijdens en na lichamelijke inspanning een lagere polsslag en bloeddruk dan rokers. Niet-rokers kunnen meer lucht uit hun longen persen dan rokers. Niet-rokers kunnen na een inspanning sneller weer normaal ademhalen dan rokers.
  • Sportaccommodaties zijn openbare gebouwen en zijn door het Koninklijk Besluit van 15 mei 1990 wettelijk verplicht om rookvrij te zijn. Het KB bepaalt dat een rookverbod geldt voor alle gesloten plaatsen die deel uitmaken van inrichtingen of gebouwen waar sport beoefend wordt en die toegankelijk zijn voor bezoekers.
    De bevoegdheid van controle en vaststelling van inbreuken (o.a. opstellen van proces-verbaal) ligt bij de Eetwareninspectie van het federale Ministerie van Volksgezondheid en bij de politiediensten (en de burgemeesters als hoofd van de lokale politiediensten).
    Uitbaters van sportcafetaria hebben de verantwoordelijkheid om de wetgeving na te leven (d.w.z. de ruimten zo in te richten en zo aan te geven dat het publiek op de hoogte is van de ingevoerde beperkingen). Zij zijn echter niet verplicht om toezicht op de naleving van de wetgeving te houden, wel wordt hen aangeraden uitdrukkelijk aan het publiek te vragen het verbod na te leven.
  • 32 % van de Belgen ouder dan 15 jaar steekt dagelijks een sigaret op.
  • Als lesgever heb je naast het overbrengen van sporttechnische aspecten ook een pedagogische taak. Het roken tijdens de les is daar geen goed voorbeeld van.