Juli: Weetjes

De pistedeur of omheining openen

Met een paard aan de hand is het belangrijk dat wanneer de ruiter een piste wil betreden, hij dit op een goede en veilige manier kan doen. De ruiter mag geen moeite hebben met het openen van de piste. Dit om het paard aan de hand of de paarden van eventueel andere ruiters in de piste, niet te laten schrikken.
Aan de andere kant mag het paard in de piste de omheining niet open krijgen. Een stevig slot of een ander veilig alternatief (klik –of schuifsystemen) is bijgevolg belangrijk. Als een paard alleen gelaten wordt, contoleer zeker dat de piste goed afgesloten is en dat het paard de piste niet zelfstandig kan openen. Controleer steeds al de ingangen van de piste, niet alleen de ingang waar jij uitkomt.
Een goed onderhouden poort voorkomt problemen bij het binnen –en buitengaan van een piste. De deur mag niet klemmen, niet wegdraaien, niet dichtvallen…
Enkele voorbeelden van goede deurpistes: een slagboom, een opendraaiende poort, een schuifdeur,…
Opgelet met automatische deuren, dat het paard niet geklemd wordt tussen de deuren.

De hoogte van de piste

De omheining van een piste, paddock of weide moet voldoen aan bepaalde voorwaarden om de veiligheid van het paard, de ruiter en andere personen te garanderen. Zo moet ervoor gezorgd worden dat de omheining in de eerste plaats hoog genoeg is. Een algemene afmeting voor paarden bestaat niet, maar de hoogte van de omheining is beter wat te hoog dan te laag. De hoogte komt best tot halverwege te hals van het paard of pony.
Als de omheining namelijk te laag is, heb je het risico dat het paard er vandoor gaat, dankzij een kleine aanloop.
Hou er verder ook rekening met welke paarden er op de piste of weide staan. Voor springpaarden is het beter een hogere omheining te plaatsen, zodat ze er niet zouden overspringen. Voor pony’s volstaat een lagere omheining.

Afwerking van de piste

De omheining moet ook aan enkele voorwaarden voldoen in teken van de veiligheid van het paard en ruiter. Het is aan te raden om een vlakke en goed afgewerkte omheining te plaatsen. Een afsluiting waarbij je een hoge kans hebt om een splinter in je vinger te hebben, is een afrader. Ook uitstekende balken of andere obstakels mogen niet voorkomen. Ze kunnen zorgen voor blessures voor paarden en ruiter.
In een piste is het ook aan te raden een schuin oplopende houten balustrade te voorzien, naast de bestaande omheining. Wanneer je met je paard aan het rijden bent, voorkomt dit dat het paard te dicht bij de muur gaat lopen. Je hebt dan ook minder kans te blijven haperen met je voet tegen de muur.
Er zijn geen algemene voorschriften die zeggen uit welk materiaal de omheining van een piste moet bestaan. Hout of metaal wordt het vaakst gebruik als afsluiting van een rijpiste. Een weideomheining kan ook uit natuurlijke afsluiting bestaan, zoals struiken of een gracht. Echter zijn er steeds paarden die hieruit kunnen ontsnappen, dus wees voorzichtig met alleen een gracht als omheining.
Wat zeker niet kan is touw. Een paard is veel sterker dan een stuk touw en kan hier zo doorheen lopen. Touwen kunnen ook snijwonden opleveren, dus hier maak je best geen gebruik van. Ook lint als omheining is geen goed idee. Wel kan dit als extra markering aan de bestaande omheining gebruikt worden.
Prikkeldraad is uit den boze! Dit kan lelijke verwondingen toebrengen aan paard en ruiter. Vaak is dit niet stevig genoeg, dus prikkeldraad is geen goed materiaal om een omheining uit te vervaardigen.
Wat wel nog regelmatig voorkomt is een metalen draad of lint met kleinere metalen draadjes in verwerkt. Door deze draden kan elektriciteit gestuurd worden. We spreken hierbij van schrikdraden. Paarden die graag op de omheining knabbelen, proberen om te ontsnappen of te nieuwsgierig zijn worden hierdoor op een afstand gehouden.
Wat nog vaak voorkomt bij weideomheiningen, zijn elektrische afsluitingen samen met de bestaande omheining. Ook voorbijgaande mensen worden op deze manier soms verhinderd om te dicht bij de omheining te komen (wanneer die een gevaar kan inhouden voor de voorbijgangers). Hou er rekening mee dat schrikdraad geen bestaande omheining vervangt!
Materiaal hoort ook niet thuis op een omheining. Laat dus geen zadels liggen op pisteomheining, deze kunnen zeer snel beschadigd raken.

Een goed slot

Een omheining of piste heeft ergens één of meerdere openingen waar de ruiter of het paard door kan gaan. Deze poorten moeten voorzien zijn van een stevig slot. Een slot met een sleutel of code is meestal geen goed alternatief wanneer de piste een kleine oppervlakte heeft. In geval van nood duurt het lang voordat deze poort dan geopend kan worden. Of erger nog: de sleutel is verdwenen, of de persoon die de code weet is niet aanwezig. Een sleutelslot of codeslot op een staldeur is bijgevolg een slecht idee. Op een grote weide kan dit wel, aangezien er meestal nog voldoende mogelijkheden zijn om de weide te verlaten op een veilige manier.
Een slot dat vaak voorkomt om een rijpiste of stal af te sluiten, is een schuifslot. Hiermee wordt de deur snel geopend. Van deze sloten bestaan ook alternatieven met een extra klepje, omdat sommige paarden er in slagen om het schuifslot van hun staldeur te openen. Een alternatief voor erg intelligente paarden is een slot onderaan de staldeur te plaatsen.

Algemene beleefdheid: Binnenkomen en verlaten van de piste

Uit respect voor andere ruiters zorg je er steeds voor dat wanneer je de piste binnenkomt of verlaat de poort opnieuw sluit. Zo garandeer je steeds de veiligheid van de andere ruiters.
Let ook op de algemene regels die van kracht zijn binnen de piste. Zo meld je best je mederuiters wanneer je de piste zal binnenkomen. De ruiters in de piste hebben ook steeds voorrang. Wacht dus tot alles veilig is voordat je de piste betreedt. Zo hinder je niemand.
Ben je de piste binnen, zorg er dan voor dat ze opnieuw gesloten wordt door jou of door een ander persoon. Laat je paard nooit alleen in de piste staan om de poort te sluiten.